Sietse werkt inmiddels drie, vier jaar bij ST AOP. Hij begon bij de nachtopvang, direct na zijn afstuderen, en werkt nu ambulant met mensen die via ST AOP een tijdelijke woning hebben gekregen.

Van grafisch ontwerp naar het sociaal werk

Sietse studeerde eerst iets in de grafische hoek, een logische stap gezien zijn vader in die sector werkte. Maar hij miste het gevoel dat hij iets betekende. “Je werkt puur in opdracht van een klant. Dat kostte me heel veel energie, en ik voelde mijn rol een beetje beperkt.” Een opvangcentrum sprak hem meteen aan. “Ik dacht meteen: wauw, dat klinkt als iets wat me zou kunnen liggen.”

Van nachtdienst naar de wijk

Sietse begon bij de nachtopvang, met nacht- en slaapdiensten, en groeide door naar een functie als maatschappelijk werker. Nu begeleidt hij mensen die via ST AOP een opvangwoning hebben gekregen, ambulant, verspreid door de stad. Zij krijgen een jaar de tijd, en in dat jaar helpt hij hen verder op alle levensgebieden.

Geen marionetten

Sietse twijfelde weleens of dit werk bij hem paste. “Ben ik wel hard genoeg? Je twijfelt ook over je eigen kwaliteiten.” Hij noemt zichzelf iemand die graag een beetje controle houdt, maar leerde dat mensen geen marionetten zijn. “Soms denk je alles op een rijtje te hebben, en dan stort het weer in als een kaartenhuis. Dat is frustrerend, maar het maakt het ook mooi.”

Een cliënt is hem in het bijzonder bijgebleven: iemand die worstelt met zware psychische klachten, en die volgens Sietse ongelooflijk goed kan praten over wat hij voelt, “bijna alsof hij een TED talk geeft.”

Weten waarom je het doet

Het zwaarst vindt Sietse de trajecten die niet goed lopen, en de gesprekken waarin hij bijvoorbeeld een melding bij Veilig Thuis moet doen. Toch valt het volgens hem mee zolang je weet waarom je het doet. “Ook op een kutdag denk ik: maar ik kan wel iemand helpen vandaag.”